Een paard bestijgen: correct opstijgen bij het paard

paard bestijgen

Een paard bestijgen lijkt vanaf de zijlijn misschien gemakkelijk. Maar de ruiter moet balans hebben, het paard op één plek houden en tegelijkertijd de rug zoveel mogelijk ontlasten.

En dat allemaal, terwijl je met één been in de lucht hangt!

Waarom is goed opstijgen zo belangrijk voor de gezondheid van je paard?

En wat moet je doen wanneer je paard niet stil blijft staan?

Lees er alles over in ons artikel.

Opstijgen met paardrijden

Wanneer je op de rug van het paard wilt zitten, zul je erop moeten klimmen. Dit noemen we het ‘bestijgen’ van het paard, of ‘opstijgen’.

De meeste paarden zijn echter zo hoog, dat de ruiter niet één-twee-drie op de rug kan gaan zitten. Vaak gebruikt men hiervoor de beugels aan het zadel, een opstapje, een aanloop of een zetje (‘voetje’) van iemand anders.

Maar de rug speelt één van de belangrijkste rollen in het correct functioneren van het lichaam. In de ruggengraat bevindt zich namelijk het ruggenmerg. Het ruggenmerg bevat zenuwbanen, die via vele vertakkingen informatie overbrengen naar alle uithoeken van het lichaam.

Van neus tot staart, van huid- tot celniveau: alles wordt aangestuurd vanuit de hersenen, via de zenuwbanen. Op deze manier houden ook de lichaamsdelen onderling contact.

Daarom dient het opstijgen met veel aandacht voor de rug te gebeuren. Maar hoe doe je dat precies?

Hoe een paard bestijgen?

Vaak leren we op de manege dat we vanaf de linkerkant het paard bestijgen. Hierbij zet je de linkervoet in de beugel, waarna je het rechterbeen over de rug zwaait en zachtjes gaat zitten.

Maar eigenlijk is het beter voor de gevoelige rug van je paard om wisselend van kant op te stijgen. De ene keer vanaf de linkerzijde, de andere keer vanaf de rechter.

Door het opstijgen, zet je paard zich namelijk schrap.

Bestijg je het paard altijd vanaf dezelfde kant? Dan zal hij aan deze kant van zijn lichaam meer spieren ontwikkelen. Maar het lichaam heeft aan beide zijden gelijke bespiering nodig om flexibel te blijven.

Het belang van een opstapje

Gebruik je een opstapje bij het bestijgen van je paard? Misschien ben je wel ontzettend lenig en zwaai je zo vanaf de grond het zadel in.

Maar onderzoek heeft uitgewezen, dat het gebruik van een opstapje zeer belangrijk is.

Ten eerste, omdat er minder druk ontstaat aan één kant van het zadel bij het opstijgen. Wanneer je vanaf een krukje een voet in de beugel zet, hoeft namelijk niet je hele lichaamsgewicht ondersteund te worden.

Ten tweede, gaat door de druk het zadel scheef hangen. Hoe vast je ook hebt aangesingeld, door het gewicht van de ruiter zal het zadel toch licht naar de opstijgkant draaien.

Hierdoor zal de ruiter scheef op de paardenrug zitten, met alle gevolgen van dien. Ook het recht schuiven van het zadel, door met het gewicht naar de andere kant te duwen na het opstijgen, zal vaak niet voldoende effect hebben.

Dus, hoe stijg je correct op?

Correct opstijgen bij je paard

Neem een krukje en zet deze naast het paard op de grond, ter hoogte van het zadel. In ons voorbeeld, stappen we aan de linkerzijde op.

Ga op het  krukje staan en leg je linkerhand op de manenkam, net voor het zadel. Houd tegelijkertijd de teugels los in je linkerhand. Leg je rechterhand op de boom van het zadel.

Zet nu je linkervoet in de beugel, zorg dat de beugelriem niet gedraaid hangt.

Wanneer je teen naar voren wijst, richting het hoofd van het paard, voorkom je dat hij in zijn buik geprikt wordt. Laat bij het opstijgen altijd je voet tegen de singel aan hangen, niet tegen de huid.

Vervolgens verplaats je het lichaamsgewicht naar de bal van je linkervoet, die op het ijzer van de beugel staat. Hierbij houd je lichte druk op je handen voor balans.

Vervolgens druk je jezelf omhoog via je linkervoet, en ga je rechtop in de beugel staan. Zwaai hierna je rechterbeen over de paardenrug, zonder je paard aan te raken.

Dit is hetzelfde principe van het bestijgen van een herenfiets.

Zoek met je rechtervoet de rechterbeugel en ga zacht in het zadel zitten. Houd eventueel balans door je handen op de schoft te leggen.

Is huppen bij het opstijgen slecht voor je paard?

Voor een stabiele houding heb je flink wat kracht in het ondersteunende been nodig. Vaak ziet men opstappende ruiters daarom een aantal keer ‘huppen’, voordat ze zich omhoog tillen.

De gemaakte snelheid zorgt namelijk voor minder gewicht op het ondersteunende been van de ruiter.

Echter, hierbij komt meer directe druk vrij op de beugel. Zo wordt er meer aan de rug van het paard getrokken, en de gemaakte snelheid zorgt vaak voor een hardere landing in het zadel.

Ga dus goed recht boven je linkervoet hangen, en zoek steun op je beide handen. Dit is minder belastend voor de paardenrug.

Een paard bestijgen zonder zadel

De meeste ruiters houden van het gevoel van de paardenrug onder je lijf. Daarom is zonder zadel rijden ook erg populair.

Niet alleen heb je meer contact met de paardenrug, zodat je beter voelt wat er gebeurd. Je krijgt er ook een betere zit van!

Maar de meeste paardenruggen zijn lastig te bereiken, zo zonder hulp van een beugel.

En ga je er met je middel overheen hangen? Dan glijd je vaak over de zachte vacht weer terug naar de grond.

Je paard bestijgen met een ‘voetje’

Zowel bij het opstijgen met, als zonder zadel kun je hulp vragen van een tweede persoon. Zij kunnen je een zogenoemd ‘voetje’ geven, dit gaat als volgt.

In dit voorbeeld stijgen we aan de linkerkant op.

Ga naast je paard staan. Leg je linkerhand op de manenkam en de rechter op de rug, net achter de schoft. Blijf op je rechterbeen staan terwijl je linkerknie buigt, waardoor je linkervoet opgetild wordt en naar achter steekt.

De helper pakt vervolgens de linkervoet, ter hoogte van de enkel. Buig vervolgens je rechterknie en beweeg jezelf in een vloeiende beweging omhoog.

De helper zal meetillen aan het linkerbeen, gebruik deze ondersteuning vervolgens om hoger te komen. Sla je rechterbeen over de paardenrug en ga zachtjes zitten.

De helper kan ook zijn vingers ineenstrengelen, tot een opstapje waarin je de linkervoet kan plaatsen.

Zonder zadel opstijgen

In elke situatie is het ’t beste voor de paardenrug om een opstap te gebruiken. Zo ook met het opstijgen zonder zadel.

Heb je een helper? Zet dan je rechterbeen op de opstap en laat je aan het andere been ondersteunen.

Heb je geen helper? Zorg dan dat je opstap hoog genoeg is.  Je hebt namelijk geen steun van de beugel om jezelf op te tillen.

Leg je hand op de manenkam, de ander op de paardenrug. Duw jezelf met je benen op de paardenrug, net zolang tot je navel aan de andere kant van de ruggengraat beland is.

Dit is cruciaal, omdat je zwaartepunt anders aan de kant van het opstijgen hangt. Waardoor je weer van het paard afglijdt!

Vervolgens ondersteun je het gewicht van je lichaam met je handen. Schuif zacht je rechterbeen over de billen heen naar de andere kant van de paardenrug. Draai vervolgens je bovenlijf richting het hoofd van je paard en ga rechtop zitten.

Voorwaarde voor deze tactiek is dat je paard goed stil kan staan. Door de zachte vacht glijd je bij beweging snel terug naar de opstapkant, wat voor onrust kan zorgen.

Houd hiernaast je benen rustig. Spartel je om vooruit te komen of wriemel je te veel? Dan kan je paard schrikken.

Maar wat, als je paard helemaal niet stil wil staan?

Problemen met opstijgen

Veel ruiters lopen tegen problemen aan met een paard bestijgen. Het paard loopt bijvoorbeeld weg, vindt het krukje eng of draait de ruiter met krukje en al ondersteboven.

Auw!

Vaak zit hierbij problematiek in de basistraining. Het paard heeft niet goed geleerd om stil te staan.

Vaak hebben deze dieren constante begrenzing nodig, die hen tegenhoudt om te bewegen. Dit kan in de vorm van een hek zijn, maar ook een muur of begeleider.

Maar vraag je eens af: Zou je paard wellicht het opstijgen willen blokkeren? Dit kan namelijk een signaal zijn van problematiek in het lichaam. Misschien bezorgt het opstijgen hem wel stress of pijn.

Zit je singel niet te strak? Of zit het velletje achter de voorbenen misschien dubbel?

Ook kan er verzet voortkomen uit het vooruitzicht op rijden.

Hoe is jullie communicatie tijdens de training onder het zadel? Begrijpt je paard wat jij van hem vraagt? Of heeft hij misschien pijn en hierdoor moeite met bepaalde oefeningen?

Basistraining bij opstijgen

Stilstaan

Controleer de balans van je paard. Leg je handen op de manenkam en het zadel. Duw het paard nu zacht heen en weer.

Verzet hij zijn voeten? Dan stond hij nog niet gebalanceerd genoeg om de ruiter op te laten stappen.

Het leren van goed stilstaan kan alleen met duidelijkheid en geduld. Loopt je paard weg, zet hem dan achterwaarts wat passen terug. Blijft hij staan, zet hem dan voorwaarts weer naast de kruk. Houd vol totdat hij echt stilstaat.

Zo ook bij het wegdraaien van het opstappen. Draai je paard met behulp van een zweepje of trainingsstick terug, door zacht op de zijkant van de achterhand te tikken.

Beide kanten

Oefen het opstappen aan beide kanten van het paard. Is het paard aan de linkerkant gewend? Dan kan de rechterkant toch een complete verrassing voor hem zijn.

Teugelvoering

Houd bij het opstijgen de teugels in één hand, maar niet te strak. Je probeert hiermee te voorkomen dat je paard naar voren wegschiet, maar de druk kan tot een achterwaartse beweging leiden.

Neem daarom ook de tijd na het opstappen. Houd de teugels los en rijd niet gelijk weg. Hierdoor leert je paard te wachten op jouw hulp om weg te stappen.

Belonen

Belonen is het grootste goed tijdens je training. Maar beloon direct en duidelijk, alleen wanneer je paard het gewenste gedrag vertoont.

Leren gaat in kleine stapjes, dus beloon voor elke beweging in de goede richting. Zo blijft je paard gemotiveerd en gefocust.

Is het opstijgen goed gegaan? Dan kun je ook het paard belonen door rustig een rondje te stappen en vervolgens af te stappen.

Wordt het opstappen altijd gevolgd door een zware training, dan kan je paard hier angst of afkeer tegen opbouwen.