Een goed passend bit voor je paard vinden

goed passend bit voor paard

Een goed passend bit voor je paard is één van de belangrijkste onderdelen van het harnachement.

Wanneer een bit niet goed past, kan dit tot pijn, verzet en zelfs vergroeiingen in de kaak leiden.

Maar er bestaan meer soorten bitten, dan bomen in het bos!

Hoe vind je uit welk bit bij jouw paard past?

In dit artikel vertellen we jullie alles over het passen van bitten.

Informatie over paardenbitten

Bij het zoeken naar een goed passend bit is duidelijke informatie over de bestaande opties onmisbaar. Daarom zetten wij de belangrijkste hier voor je op een rij.

Trensbit

trensbit

Het bekendste bit is een trensbit. Dit heeft een gebroken of ongebroken mondstuk, met aan weerszijden bitringen. Vaak zijn de ringen O-vorming en zitten vast (bustrens) of losjes (draaimogelijkheid, watertrens) aan het bit. Ook D-vormige ringen worden veel gezien.

Een ongebroken mondstuk is een licht gebogen, recht stuk metaal. Het mondstuk kan echter ook ‘gebroken’ zijn, in het midden zitten de twee losse stukken aan elkaar vast met een scharnier.

Het bit kan ook uit drie delen bestaan, dit noemen we ‘dubbel gebroken’. Het middenstuk is hierbij kort, en plat of bolvormig.

Stangbit

stangbit

Stangbitten worden vaak in de hogere dressuur of het mennen gebruikt. Ze hebben een ongebroken mondstuk, een kinketting en twee paar ‘scharen’.

De scharen zitten boven- en onderaan aan stalen stangen die aan het mondstuk vastzitten. De stangen lopen in een verticale lijn langs de mond. Aan de bovenste scharen is de kinketting bevestigd.

Vaak wordt dit ongebroken bit met een dun trensbit gecombineerd (onderlegtrens). Door de scherpe werking van het geheel is dit alleen in de handen van de zeer ervaren ruiter geschikt.

Materiaal

De meeste bitten zijn van roestvrij staal (RVS). Ook zijn er bitten met rubber, kunststof en schuimlagen verkrijgbaar. Hiernaast zijn er argentaan (60% koper en 40 RVS), aurigan (80% koper en 20% RVS) en cyprium (90% koper en 10% RVS) verkrijgbaar.

Kijk echter altijd uit met eventuele toevoeging van nikkel. Net als bij mensen, kan een paard hier overgevoelig voor zijn.

Het beste bit kopen voor je paard

Er zijn echter nog veel meer bitten op de markt. Veel mensen starten daarom met verschillende versies van trensbitten en kijk vanuit daar (eventueel) verder.

Het kan lastig zijn om de juiste keuzes te maken. Bespreek daarom altijd je ervaringen en wensen met een professional, zij zullen je graag te woord staan over de mogelijkheden.

Maar uiteindelijk gaat de reis door eindeloze bitteninformatie niet over het kopen van het ‘beste bit’. Het gaat, om het vinden van het beste bit voor jouw paard.

Dit klinkt als een open deur intrappen. Maar vaak wordt niet beseft dat men éérst naar het paard moet kijken, en dan pas naar het bit.

Waarom is dit zo?

Geen paardenhoofd is hetzelfde. Natuurlijk komen de algemene anatomische verhoudingen grotendeels overeen. Zelfs wanneer je de rassen onderling, de leeftijden of het geslacht vergelijkt.

Maar net als bij ons mensen, zijn de specificaties per individu uniek. En dan hebben we het niet alleen over meetbare details, ook de gevoeligheid van de mond zelf varieert.

Goed passend bit uitzoeken

Een goed passend bit vind je doorgaans niet alleen op theorie. Verschillende bitten passen hoort bij de procedure. Leg het bit in de paardenmond en bekijk de ligging.

Vanuit de paardenmond moet het bit, wanneer correct gepositioneerd, een half à één centimeter uitsteken aan beide kanten. Aan weerszijden zijn de bitringen bevestigd, die ruimte hebben om opzij te staan, losjes tegen de wangen.

Leg je vinger op de mondhoek, tussen het stukje waar het bit overgaat in de bitring. Kan je vinger er goed tussen? Dan zit het bit goed. Meer of minder geeft een verkeerde maat aan.

Belangrijke maten voor het bit

Bij het uitzoeken van een goed passend bit houden we rekening met de volgende delen van het paardenhoofd: de lagen, de kaak en de tong.

De lagen

Het bit ligt op de lagen, een tandloos gedeelte tussen de voorste tanden en de achterste kiezen. Het slijmvlies is hier dun, dus het ijzer ligt bijna direct op het kaakbot.

Hierdoor mag het bit niet te smal zijn, omdat het een snijdend gevoel kan geven. Maar het mag ook zeker niet te dik zijn. Het tandloze tussendeel is klein en dan krijgt het paard zijn mond niet meer dicht!

De afstand tussen de voorste snijtanden en de achterste kiezen, is bij de lagen gemiddeld 1,6 cm. Je kunt dit meten aan de zijkant van de mond, wanneer je de lippen optilt.

Hiernaast controleer je de gevoeligheid van het tussendeel. Leg je vinger op de lagen en duw zachtjes. Bij een bepaalde druk zal je paard reageren, wat je informatie geeft over de gevoeligheid.

Jongere paarden zijn vaak gevoeliger dan oude, mits de mond in goede gezondheid is.

De kaak

Hiernaast kan een kaak breder of smaller dan gemiddeld zijn. Vooral bij smallere kaken komt het paard eerder in de knel met zijn tong, verhemelte en het bit.

Gelukkig kun je dit met je vingers meten. Onder het hoofd van je paard, zit een gleuf in de kaak. Leg je vingers hiertussen, ter hoogte van waar het bit zou moeten komen in de mond.

Passen er 2 vingers tussen, dan is de kaak vrij breed. Bij 1 vinger is de kaak smal.

De tong

Vervolgens kijken we hoeveel ruimte er is in de mond, met betrekking tot de tong. Heeft je paard een relatief dikke tong, dan is er minder ruimte voor het bit.

Til de lippen van je paard op. Zit de tong wat tussen de tanden door geperst in rust? Dan is deze in relatie tot de kaak wat breed.

Bit voor paarden met een gevoelige mond

In de mond zitten veel zenuwuiteinden, waardoor de meeste paardenmonden erg gevoelig zijn. Maar door het dunne slijmvlies bij de lagen ontstaan snel wondjes. Ook de mondhoeken hebben maar een dun huidje.

Zorg er daarom altijd voor dat een bit goed afgewerkt is en geen scherpe randen bevat. Ook mogen er geen huidplooitjes tussen het bit vast komen te zitten.

Is je paard toch gevoelig en lijkt het bit pijnlijk voor hem? Overleg dan met een professional.

Gewenning

Houd er echter rekening mee dat ieder paard aan een nieuw bit zal moeten wennen. Na zo’n 10 keer rijden zal het paard een duidelijk beeld geven: ontspanning of verzet.

Over het algemeen geldt, dat wanneer het paard (na een aantal keer) verzet gaat tonen het bit niet goed ervaren wordt.

Geeft het paard gelijk hevig verzet, denk dan nog eens goed over je keuze na. Het hoeft niet gelijk de verkeerde keuze te zijn, maar misschien is de overgang te heftig.

Ook moet de ruiter het persoonlijke bitgebruik in acht nemen. Kun jij goed rijden met dit bit? Is je hand goed stil en voel je de werking van het bit goed aan?

Elk bit dient verantwoordelijk en op juiste wijze gebruikt te worden. Dat is ons deel, in wat dit hulpstuk passend maakt.