Het Friese paard

fries paard

Het Friese paard wordt met recht de Zwarte Parel genoemd. Deze gitzwarte, fiere en uitermate vriendelijke verschijning is al duizenden jaren een rasechte Nederlander en veroverde stap voor stap de wereld.

Niet alleen door zijn weelderige voorkomen werd dit paard wereldberoemd. Ook de leergierigheid, intelligentie en veelzijdigheid maakt dit ras onverminderd populair.

Helaas heeft de moderne populatie te kampen met inteelt problemen, waardoor zich serieuze gezondheidsproblemen voordoen.

Toch is de Fries een sober type en wordt ingezet in vele disciplines, zowel op sport- als recreatief niveau.

Wil je alles weten over één van de meest imposante vertegenwoordigers van ons vaderland?

Lees het nu in ons artikel over het Friese paard!

Achtergrond van het Friese paard

De Fries is het oudste paardenras van Nederland. Door zijn grootte en lichtvoetigheid werd dit imposante dier veel gebruikt als oorlogs- en krijgspaard.

Rond 150 jaar na Christus werd er al over dit ras geschreven. De Romeinen namen deze paarden vanuit Nederland mee naar Groot-Brittannië, wat zij grotendeels veroverd hadden.

Enkele eeuwen later werd het Friese paard weer beschreven, nu als strijdros van -mogelijk- Friese huurlingen. In de tijd van de kruistochten en tijdens de 16e eeuw reisde het ras ver van zijn geboorteland. Hierbij werden ze gekruist met Arabische en Andalusische volbloeden.

Echter, de Hollandse Friezen werden vanaf het jaar 1700 steeds meer ingezet op het boerenbedrijf. Voor de ploeg stond deze reus op vele akkers zijn mannetje. Maar zo’n 150 jaar later gaf de Fries ook welvaart aan, wanneer hij op zondag pardoes voor de koets werd geparkeerd om zijn eigenaren naar de kerk te vervoeren.

De Fries werd ook kort populair in de drafsport, maar werd daardoor lichter van bouw gefokt. Hierna kozen boeren massaal voor de zwaardere, sterkere paardenrassen in hun bedrijf. De populatie-dip duurde voort, omdat men geen geld had om louter luxepaarden te houden.

Hierdoor werd er met een kleine groep Friezen aan het voortbestaan en zuiverheid van het ras gewerkt. De Fries werd ook wat steviger gefokt, zodat hij op de boerderij het zware werk weer aan kon.

In de jaren zeventig herwon de Fries volop aan populariteit. Tegenwoordig zien we ze geregeld terug in de sport, maar ook in paardenshows en films. De export aantallen blijven onverminderd stijgen en waardoor men dit ras over de hele wereld terugvindt.

Door zijn opmerkelijke uiterlijk werd de Fries al snel bekend als de ‘Zwarte Parel’. Zijn gitzwarte vacht, opgerichte houding en lange, golvende manen en staart werden jarenlang fel beschermd in de fokkerij. Daarom vertonen de moderne Friezen nog steeds sterke gelijkenis met hun verre voorvaderen.

En we pronken maar wat graag met deze grote, vriendelijke reus. Dit veelzijdige en weelderige dier is met recht Neerlands trots!

Uiterlijke kenmerken

fries paard uiterlijk

Het Friese paard is harmonieus gebouwd met een luxe en fiere uitstraling. Ze zijn veelzijdig in gebruik en zeer vriendelijk, maar toch levendig van aard.

Het hoofd oogt edel en is relatief klein, met donkere ogen en kleine, spitse oren. De nek is lang en licht gebogen, met een hoge aanzet. Deze loopt over in krachtige schouders, een diepe borst en sterke, korte rug.

Het kruis loopt schuin af in een weelderige, golvende staart.

De benen zijn relatief kort, maar sterk en vertonen veel knieactie tijdens activiteit. Onderaan het been vertonen de vetlokken rastypische ‘kwasten’: golvende, lange plukken haar.

De zachte, korte vacht is zonder uitzondering gitzwart, enkele witte haren op het voorhoofd zijn echter toegestaan. De manen zijn lang, golvend en dik van textuur.

Het Friese paard heeft een stokmaat van 1,55m tot 1,70m hoog en weegt tussen de 500 en 700 kilo, afhankelijk van geslacht en bouw.

Karaktereigenschappen van het Friese paard

Naast zijn fiere verschijning is het Friese paard beroemd om zijn karakter.

Hij is vriendelijk, zonder sloom te zijn. Levendig, zonder angst en nervositeit. Zijn gematigdheid uit zich in een beheerste interesse, intelligentie en leergierigheid in de training.

Hierdoor wordt de Fries veelal beschreven als werkwillig en betrouwbaar. Zelfs het woord ‘mak’ passeert de revue.

Toch dient de Fries niet onderschat te worden.

Hij pikt snel informatie op, waardoor aandacht voor een gedegen opleiding onmisbaar is. Elk paard begint als veulen en dient correct opgeleid te worden door een ervaren trainer.

Deze vriendelijke reus is namelijk geen type dat men lichamelijk de baas kan.

Hiernaast wordt een deel van de Friese paarden geregeld gekruist met Arabische volbloeden, om een sportiever type te creëren. Combineer het hete van een volbloed met de kracht van een Fries en je hebt de handen vol.

Verzorging en gezondheid

De volle manen en staart van de Fries hebben veel verzorging nodig om klitten, strengen en opgehoopt vuil te voorkomen.

Hiernaast dient extra aandacht besteed te worden aan de ‘kwasten’ aan de vetlokken. Hierdoor wordt de kootholte afgesloten, waardoor de Fries een verhoogde kans op mok (huidontsteking in de kootholte) heeft.

De Fries is een koudbloed, wat betekent dat het onder de sobere rassen valt. Deze paarden gaan erg zuinig met hun energie om en hebben daarom een andere voedingsbehoefte dan bijvoorbeeld volbloeden.

Helaas ging het meer dan 100 jaar lang slecht met het Friese paard, wat we terugzien in de algehele gezondheid van het ras.

Er waren nog maar weinig Zwarte Parels over in het Friese stamboek. Hierdoor besloot men om met de beschikbare individuen verder te fokken om het ras zuiver te houden, zonder bloed van andere rassen in te mengen.

De vraag naar de Fries steeg en de populatie herstelde. Maar door het zuiverheidsbeleid heeft de moderne Fries helaas behoorlijk te kampen met inteelt-gerelateerde problematiek.

Hierdoor komen dwerggroei en waterhoofden voor bij Friese veulen. Ook heeft zo’n 50% van de merries na de bevalling problemen met het loskomen van de nageboorte.

De Fries ontwikkelt zeer vaak staart- en manen eczeem. Dit wordt veroorzaakt door een allergische reactie op het speeksel van knutten (zandvliegjes). De extreme jeuk heeft opengeschuurde plekken en haaruitval tot gevolg.

Helaas ziet men ook geregeld gewrichtsklachten bij dit ras.

Hiernaast komt verwijding van de slokdarm relatief vaak voor. Het maagdarmkanaal wordt niet goed afgesloten, waardoor de maaginhoud terug in de keel stroomt. Dit belandt vervolgens in de longen, wat tot zware ontstekingen kan leiden.

Ook verlammingen aan de stembanden komen voor.

Het Friese paard en training

Door zijn prachtige verschijning, maar ook zijn veelzijdigheid is de Fries al tijden onverminderd populair. Zowel bij mennen als rijden behaalt dit krachtige, maar soepele dier hoge scores.

De Fries wordt traditioneel ingezet voor de sjees, een grote, tweewielige boerenkar. Deze vervoert twee menners, die vaak in klederdracht gestoken zijn.

Naast de show zien we dit paard ook terug in de sport. Voor (hoog niveau) springen is de Fries niet gemaakt, door zijn ‘opgerichte’ bouw. Maar voor de kar met ringsteken, waarbij de menners met een lans opgehangen ringen proberen te verzamelen, steelt de Fries de show.

Ook hebben ze aanleg voor dressuur. Enkele Friese hengsten hebben zich gekwalificeerd op Grand Prix- niveau, al gaat het de koudbloeden doorgaans niet gemakkelijk af om in de dressuur serieus genomen te worden.

Tegenwoordig zien we grofweg nog twee verschillende typen. De kortere, brede Fries vanuit de tijd dat hij als landbouwpaard moest zien te overleven en het slanke, langere type. Dit laatste wordt actief terug gefokt in de populatie, met het oog op de sport en luxe vanuit het verleden.

Door zijn ontspannen houding is dit ras ook uitermate geschikt voor het recreatief rijden van allerlei disciplines en buitenritten.