IJslander

ijslander paard

Met zijn ruige manen en vriendelijke oogopslag heeft de IJslander al menig hart gestolen. Op het afgelegen IJsland zijn ze eeuwenlang zeer puur gefokt, waardoor ze nog altijd op de oerpaarden van vroeger lijken.

Over de hele wereld wordt dit ras geroemd om hun onvermoeibaarheid en gouden karakter. Met hun speciale gangen, de tölt en telgang, zijn ze een unicum in de rijsport. Ook voor een lange buitenrit draait de IJslander zijn hoef niet om.

Ondanks zijn zachtaardige karakter, is de IJslander wel een paardje met een eigen mening. Ze zijn vriendelijk, maar zeer eerlijk in de omgang. Dus wie goed doet, goed ontmoet!

Wil je meer weten van dit stoere sneeuwpaard? Lees hier alles over de IJslander.

Achtergrond van de IJslander

De IJslander, ook wel het IJslandse paard genoemd, vindt zijn oorsprong geheel naar verwachting in IJsland. Aan het einde van de negende eeuw vestigden de Vikingen zich op dit ruige, besneeuwde eiland. Omdat er nog geen mensen of vee woonden, brachten zij de voorvaderen van deze stoere paardjes overzee.

Sindsdien is er weinig meer veranderd aan de populatie. Er werd geen bloed van buitenaf in de foklijnen toegestaan. Daarom zie je nog steeds de sterke gelijkenis met de oerpaarden uit Eurazië, waarvan ze afstammen.

Het harde klimaat en de weerbarstigheid van het eiland (met gevaren zoals vulkaanuitbarstingen) zorgden voor een strenge natuurlijke selectie. Ook werd er door de IJslandse bevolking sterk geselecteerd op karakter en werkgeschiktheid van de paarden.

De sterke paardjes werden namelijk over het rotsachtige land gebruikt voor vervoer. En niet met de wagen, maar op hun rug! Met hun rastypische, snelle tölt wisten ze hun eigenaren binnen recordtijd van de ene naar de andere locatie te brengen.

In de fok richtte men hierbij op een sterke drang om voorwaarts te gaan en eindeloos uithoudingsvermogen. Vandaag de dag staat de IJslander hier nog steeds om bekend.

In Europa echter werden ze steeds vaker voor de kar gezet, waar de tölt wat betreft trekkracht minder voor geschikt is. Hier werd meer nadruk gelegd op de draf, zodat het paard ook voor de landbouw gebruikt kon worden.

Vandaag de dag heeft de IJslander liefhebbers over de hele planeet. Heeft een paard echter ooit IJsland verlaten, dan mag hij niet meer terugkeren. Dit heeft te maken met het overbrengen van ziekten vanaf het vasteland.

Daarom vind je in de IJslander op IJsland nog steeds het pure, stoere oerpaard van vroeger!

Uiterlijke kenmerken

De IJslander is wat betreft bouw een speciaal ras. Pas op 7 à 9- jarige leeftijd zijn ze uitgegroeid, de training begint daarom pas wanneer het paard 4 à 5 jaar oud is.

Het hoofd is vrij groot en recht, met vriendelijke, donkere ogen. De oren staan recht op het hoofd en lopen uit in een kleine punt.

De hals is kort, breed en gespierd, die vaak typisch opgericht gedragen wordt. Deze loopt uit in een korte, stevige rug en gedrongen borst. Het kruis loopt sterk af, de staart is hierdoor laag aangezet.

De benen zijn kort, sterk en droog met kleine, harde hoeven.

De vacht is stug en stevig, in de winter vormt dit een ondoordringbare jas tegen vocht en kou. Deze komt in alle kleuren voor, behalve gestippeld (appaloosa). De reguliere kleuren zijn vos, zwart, bruin, schimmel en bont. Maar ook de meer zeldzame kleuren zijn bij dit ras vertegenwoordigd, zoals wildkleur, zilverappel, valk en isabel.

De manen zijn zeer vol, de staart dik en lang.

IJslanders zijn zo’n 1,30m tot 1,50m aan de schoft, wat ze theoretisch gezien als pony’s classificeert. Ze wegen rond de 300 en 450 kilo en worden tussen de 25 en 30 jaar oud.

Karaktereigenschappen van de IJslander

IJslanders staan bekend om hun gelijkmatige, vriendelijke en opgewekte karakter. Ze zijn betrouwbaar, rustig, maar toch sensibel en vol eigen karakter.

Dit ras is namelijk koelbloedig en intelligent, omdat een gewone dag op IJsland puur op overleven was gericht. Even in paniek wegsprinten leverde alleen de bodem van een ravijn of klif op.

Hiernaast heeft het paard op IJsland geen natuurlijke vijanden, die hen stiekem konden besluipen. Zo werd ondoordacht vluchtgedrag nog onbelangrijker.

Omdat ze zo prettig in de omgang en eerlijk zijn, kunnen ruiters zonder ervaring meestal goed met dit ras uit de voeten.

Dit betekent echter niet, dat je de IJslander alles wijs kunt maken. Ze zijn toegankelijk, maar alleen naar hen die zich eerlijk tegen het paard opstellen. Dit ras is behoorlijk sterk en zit vol met grappen en trucjes, die hij ook tegen je kan gebruiken!

Toch zal dit stoere, werklustige paard zich niet snel laten verleiden tot vijandigheid. Ze zijn zelfstandig waar nodig, maar hiernaast echte kudde- en gezelschapsdieren.

Hiernaast hebben ze een fenomenaal richtingsgevoel en kunnen van flinke afstanden zelf de weg naar huis terugvinden.

Verzorging en gezondheid

IJslanders zijn honderden jaren lang puur gefokt, zonder invloed van buitenaf. Dit had slecht voor het ras uit kunnen pakken. Hieruit is echter een robuust, gezond paardje ontstaan dat goed tegen de barre weersomstandigheden van het koude, winderige sneeuwlandschap kon.

Toch is de IJslander in Europa nieuwe uitdagingen tegengekomen.

Zo zijn ze op IJsland niet in aanraking gekomen met droes, een bacteriële infectie aan de voorste luchtwegen. Hierbij ontstaan abcessen in de lymfeklierknopen bij de kaak, die gaan opzwellen en ontstekingsmateriaal lekken uit de neus. Het paard krijgt hoge koorts, wat goed in de gaten gehouden moet worden.

In enkele gevallen kan droes een dodelijke afloop hebben, en IJslanders hebben het gewoonlijk zwaar met deze infectie.

Hiernaast zien we bij dit ras vaak de ontwikkeling van staart- en maneneczeem (zomereczeem). Dit wordt veroorzaakt door een allergische reactie op het speeksel van knutten (zandvliegjes). En deze vliegjes, komen op IJsland helemaal niet voor!

De extreme jeuk heeft open geschuurde plekken en haaruitval tot gevolg. Dit kan in ernstige gevallen resulteren in open wonden, waardoor de aandoening zeer nauwlettend management vraagt.

Ook heeft dit ras een verhoogde kans op hoefbevangenheid, insuline resistentie en overgewicht. Ons rijke voer van hoge kwaliteit is niet geschikt voor een ras dat eeuwenlang zeer sober en efficiënt heeft moeten overleven.

De IJslander en training

Dit ras kent naast de elementaire gangen stap, draf en galop twee extra gangen. Tölt kan men zien als een versnelde stap, waarbij het paard ontzettend hard gaat zonder zweefmoment. Dit zit dus uiterst comfortabel voor de ruiter.

Veel IJslanders beheersen ook de telgang, waarbij eerst de beider linkerbenen voorwaarts gaan, gevolgd door een zweefmoment en de twee rechterbenen.

Door deze typische gangen kan het paard hoge snelheden bereiken en relatief gemakkelijk lange afstanden afleggen. Deze worden dan ook uitgebreid tentoongesteld in het IJslandse deel van de ruitersport.

Ook worden ze veel gehouden voor recreatieve doeleinden. Dit paard is uitermate geschikt voor eindeloze buitenritten, zowel door zijn uithoudingsvermogen als hardheid.

Hierdoor ziet men ze ook steeds vaker in endurance wedstrijden.

IJslanders zie je door hun veelzijdigheid ook wel in de dressuur-, spring- en westernsport, zij het niet vaak op hoog niveau. Aangespannen voor de kar of slee doen ze het beter, en ook vrijheidsdressuur lijkt hen wel te liggen.